zondag 15 mei 2016

De tweeëndertigste dag: Pinksteren in Santiago

Heel bijzonder om met Pinksteren in Santiago te zijn. De stad waar Jacobus naar de opdracht van Jezus met Pinksteren de boodschap van het  evangelie wilde brengen. De opdracht was naar het einde der wereld. En Santiago was naar het einde der wereld in die dagen. Men dacht dat de aarde plat was en van Amerika had men nog nooit gehoord. We stonden vanmorgen om 9.30 uur al in de rij voor de Compostela en voor ons stonden Fransen en Duitsers, achter ons een Fins meisje en een Hongaarse jongen. We zagen nog een Nederlandse vrouw met een Deense man( elkaar gevonden op de Camino). We zagen Japanners en Korianen. Mensen uit Brazilië. Vanmiddag troffen we ook Paul uit Nieuw Zeeland weer. Dat was echt heel bijzonder, want we hadden niets afgesproken en we zaten op een niet voor de hand liggend terras en daar kwam Paul langs wandelen. 
Het is zo bijzonder. Je spreekt niets af en we hebben eigenlijk alle mensen van de laatste weken gezien vandaag.  Behalve de Nederlandse broers. Maar morgen hebben we nog een kans.

Vandaag hebben we uitgeslapen tot 9.00 uur. Heerlijk! Dat heb ik in vier weken niet gedaan. Ik ben een echt avondmens en weet 's avonds niet van stoppen. Tijdens de Camino was vroeg op staan geen probleem, maar 7.00 uur i.p.v.  6.30 uur is voor mij echt een feestje. Het is ook heerlijk dat we twee dagen hebben voordat we naar huis gaan. Vorig jaar kwamen we aan en de volgende dag moesten we gelijk om 6.00 uur naar het vliegveld. De overgang was te groot. We kunnen nu afkicken. 
We staan eerst een half uur in de rij voor het pelgrimsbureau en krijgen dan de Compostela. Ik heb alleen de Compostela, niet de verklaring voor de kilometers.  Door de busetappes zijn deze niet helemaal duidelijk. Ik denk 29 dagen gemiddeld 22 km per dag. 638 km ongeveer.  Daarna koffie gezonken in de Huiskamer voor de Lage Landen. Daar zaten nog meer pelgrims. Erg gezellig en boeiend om alle verhalen te horen. Op het prikbord heb ik een boodschap voor Cor, de man van de opnamen voor Kruispunt,  achtergelaten. 
Daarna waren we net op tijd voor een speciale mis. Deze begon met de prufomo. Wat zij we geluksvogels om de twee keer te zien. De pelgrimsmis vanavond was zonder prufomo, helaas voor de nieuwe pelgrims. Daarna een processie door de kerk. Het lukte me om een foto te maken. 
In het alberge hebben we een broodje gegeten en heeft MijnMaatje alles voor de vliegreis in orde gemaakt. Hij presteerde het zelfs om te printen met de printer fan het hostel met zijn telefoon. De dames van de balie waren perplex. 

Het lukte me om weer een ring te vinden voor mijn verzameling. Met twee schelpen zelfs. Ben er blij mee. Heb nog weer gezocht naar een ring met een Amethist, maar dat lukte helemaal niet. 

Vanavond nog een rondleiding gehad van de Duitse Pilgerferein rond de kathedraal. Dit was erg leuk. Je ziet dan zaken die me nog niet eerder waren opgevallen. In alle kathedralen gaat het altijd om verbeeldingen van hemel en hel. Alleen de kathedraal in Santiago heeft alleen verbeeldingen over de hemel. Deze heeft de lijn van het positieve en het bemoedigende van het geloof. Boven een kerkdeur staat Adam even groot als God afgebeeld. De mens geschapen naar Zijn beeld. Aan de andere kant Eva. Maar God kijkt haar liefdevol recht in de ogen, ondanks de verleiding van haar in de tuin. Althans de uitleg van de gids. Je ziet en hoort zo meer dan als je zelf om de kathedraal loopt. 

Tot slot hebben we gegeten met allerlei mensen die we tijdens de Camino hebben ontmoet. Het leuke was dat er mensen waren die elkaar ook weer kenden, maar niet wisten dat wij deze ook weer ergens hadden gezien. Een vrolijke avond met een verdrietig tintje. Gezellig om zo samen te zijn met gelijk gestemden, maar jammer dat het voor het laatst is. 

De rij in het Pelgrimsbureau.

De processie

De ring



Het beeld van Jacobus boven de Heilige Poort

zaterdag 14 mei 2016

De eenendertigste dag van Sobrado naar Arzua 22 km

We hebben Santiago bereikt. Wel met allerlei hindernissen. De eerste hindernis was natuurlijk dat ik stukken met de bus moest doen. De tweede hindernis was, dat uitgerekend deze laatste dag, MijnMaatje tijdens het lopen last kreeg van zijn linkerscheenbeen. De laatste 10 kilometers waren echt afzien. Gelukkig de laatste dag, anders hadden we een rustdag moeten nemen en naar de Eerste Hulp gemoeten.  Erg vervelend. Nu, met al een paar uurtjes rust, gaat het ietsje beter. We zitten in de kerk en wachten tot de mis begint. Er zijn veel Spaanse jongeren op hun paasbest gekleed. Misschien het vormsel of zo. Ze zijn te oud voor hun Eerste Communie. 

We zijn vandaag vanuit Sobrado vertrokken en hebben een poging gedaan om stevig door te lopen. De bus uit Arzua naar Santiago vertrok om 15.30 uur en deze wilden we graag halen. Halverwege de route kreeg MijnMaatje dus ongelooflijk last van zijn scheenbeen. Dat en de regen, hoewel niet erg, maar wel zo dat je er goed nat van werd, maakte dit alles toch wel tot een moeizame laatste etappe. Het gevoel werkt ook niet mee, want dit pelgrimsleven bevalt me erg goed. Maar nu komt het einde echt in zicht. 
We waren niet de enige met problemen, want een van de Nederlandse broers, had nu ook problemen met zijn andere zool. Onderweg hebben ze ducktape gekocht en de schoenen getapet.
Toen we ze voor de laatste keer zagen, liepen ze nog met goede moed. Misschien dat we ze maandag nog zien Santiago. 

Als we op het plein voor de kathedraal aankomen en net een selfie willen maken, zien we tot onze stomme verbazing de man die we twee jaar geleden troffen op onze Camino van Leon naar Finesterre. Hij herkende ons niet, maar ik hem wel. Hij was net vandaag aangekomen van de Camino del Norte. Op 8 april vertrokken. Hij vond de Frances mooier. Spiritueler. Na twee dagen kust, had je de kust wel gezien vond hij. Ik deel met hem dat de Frances inderdaad Spritueler is. Maar de Camino del Norte vond ik qua natuur mooier. Ik hoorde dat de mensen hem toch als zwaar hebben ervaren. Eenzaam en veel klimmen. Zeker als je alleen bent en het weer niet zo goed is, zal dit gauw zo zijn. Ik vond het eerste stuk wel zwaar, maar eigenlijk viel het me mee. Ik denk dat het belangrijk is om je eigen lijn te volgen. Maar ben ook wel blij dat MijnHerbergmaatje het eerste stuk mee heeft gelopen.

De voorbereidingen voor de mis duren lang. De dienst zou om 19.00 uur beginnen, maar nu 10 over zeven, is het nog een hoop geloop. Het is ook altijd heel wat. De kerk is vol toeristen en pelgrims. Deze  krijgen zoals wij, ook lang niet alle instructies mee, die steeds in het Spaans worden omgeroepen. Volgens mij zeggen ze zoiets als dat deze de kerk moeten verlaten. De toeristen zie ik wel naar de uitgang schuifelen, maar de pelgrims denken: "De kerk is vandaag voor mij. Heb de kilometers niet voor niets gelopen." Er komt wat beweging. Ik zie mannen in het zwart en signaleer ook al mannen met rode habijten. Als je altijd zoveel vschillende mensen in de kerk krijgt, dan zorg je er toch voor dat er dingen goed vertaald worden. Nu wordt er toch iets gezegd wat ik versta:"Camera's en mobiel uit. " Ik denk dat ze dan ook de IPad bedoelen. Ik stop dus maar even.

Er verlaat iemand de bank en ik schuif op, zodat een Spaans meisje, dat op de rond van een pilar zit bij ons in de bank kan. Dat is een goede zet, want ik vraag wat er toch allemaal aan de hand is. Ik krijg de hele dienst in Engels uitleg van haar. Ze woont in Madrid, maar heeft altijd met Pinksteren een famIliebijeenkomst. Er is een volwassenendoop. De kardinaal en de misdienaars( er zullen nog wel meer functie zijn, maar ik weet niet hoe ze heten) verlaten het altaar en lopen de kerk door naar het doopvont dat in een hoek van de kerk staat. Daarna doen wel meer dan 100 jongeren een vorm van belijdenis. Hun ouders/ peetouders dragen ze op en ze krijgen een kruis met olie van de kardinaal. Voor ons zit een Spaanse familie en aan hun opwinding valt af te zien wanneer hun familielid aan de beurt is. Oma is tot tranen toe geroerd.  Het blijken allemaal jongeren uit Galicië te zijn. De dienst duurt inmiddels wel al 1,5 uur. Maar ons wachten wordt beloond. De prufomo wordt gezwaaid. De pelgrim die naast MijnMaatje zit barst in huilen uit. Het Spaanse meisje geeft aan dat het erg bijzonder is en ook zij is helemaal lyrisch.  Ik vertel maar niet dat ik dit al een keer of 5 heb gezien, maar het is elke keer een spektakel. De prufomo weegt 60 kilo en er gaat wel 40 kilo brandend wierook in, heb ik ergens gelezen.  Het ding wordt deze keer met geweld de kerk in geslingerd. Volgens mijn is er een nieuw zwaaiopperhoofd. Ik zie nu een jonge man. Andere keren ging het wel wat rustiger volgens mij. Ik houd mijn hart vast. De prufomo zwaait heftig en langdurig rond. De bedoeling ervan was in vroegere dagen dat het de geuren die de pelgrims verspreiden door de wierook dragelijk werden. Ik denk dat dit nu ook wel goed is. MijnMaatje geeft aan dat hij zijn eigen sokken ruikt. Ik ruik niet goed, maar ik heb nu zelfs het idee dat ik mijn flacejack ruik. De wierook zie je door alle kieren door het vat komen. Het is een prachtig gezicht!

De dertigste dag van Miraz naar Sobrado 25 km

Na een heerlijke nacht, ik ben echt zo langzamerhand ontstresst, want ik kan zonder luisterboek slapen, staan we rond 7.00 uur op. Er zaten luiken voor de ramen, dus het was pikkedonker. Geen idee hoe laat het dus is en nog belangrijker wat voor weer het is. Er is een ontbijt met brood en jam. Filterkoffie en voor wie dat wil warme melk. Ik laat me de koffie goed smaken. Er worden groepsfoto's gemaakt. De hospitaleros zijn er maar druk mee. 
Het weer is erbarmelijk. Het is de eerste keer dat we echt een regendag hebben. Het grote voordeel is dat het nooit langer dan twee dagen kan duren, want morgen is de laatste wandeldag.
De kat en de berken zorgen voor veel klachten en ik heb het zelfs benauwd. Ik baal er wel van, want de route is prachtig. Maar niet voor herhaling, in dit tijdstip van het jaar, vatbaar. Jammer. En juist hier staan veel prachtige huizen te koop voor een herberg........ Ik heb nog een prednison en besluit deze maar te nemen. Na een half uur gaat het redelijk. Ik loop als een speer de berg op. Heb de hele dag  geen last van de voeten. Dat is zeer praktisch, want we maken een lange dag. 25 km. De eerste twee uur zijn om voor we het weten. De omgeving is schitterend. Dan besluiten we voor een breek, want we zien een bushokje met bankje en kunnen dus droog zitten. En zo installeren we ons. Poncho uit, rugzakken af. We zitten nog niet of we zien twee mensen aan komen. En het blijken de twee Nederlandse broers te zijn die ik op mijn eerste dag alleen heb getroffen. Ze maken kennis met MijnMaatje. Ze weten het verhaal nog. Je ontmoet bijna geen Nedelanders, dus de mensen die je tegen komt onthoud je wel. Na een kwartier vangen we weer aan. We lopen zo ongemerkt en al pratend weer 2,5 uur weg. Dan ontdekt een van de heren dat zijn hak los licht. Alleen in Arzua, een grote stad is een schoenmaker, met hun geweldige lange benen, voeren zij het tempo op om in Sobrados een taxi naar Arzua te nemen en een schoenmaker te zoeken.
Wij doen het rustiger aan, maar nemen wel de weg. We hebben geen zin meer aan modderpoelen. We belanden na een stevige pas om 15.45 uur in het klooster.  Voorportaal van het klooster wel te verstaan. En gesloten....  tot 16.30 uur. Daar staan we helemaal doorweekt. Uiteraard is er een bar en we gaan naar de bar om te wachten tot 16.30 uur. 
Na een kop het thee is het dan zo ver en we spoeden ons naar het klooster. In de beschrijving staat WiFi en twee kachels. Dat blijken volgens mij twee straalkachels te zijn. De beschrijving zeer Spartaans is weer van toepassing. Er is een mopje onderweg: drie sterren Spartaans. Er is een keuken, maar gezien de uitstraling ontneemt me dit alle lust tot het zelfmaken van een kop thee. Er is een Spanjaard in de keuken en deze worstelt met een kaas. De kazen van de streek hebben de omvang en vorm van een vrouwenborst. Tiet.... Zegt MijnMaatje. En wijst naar mijn borst. Non, non, we krijgen een verhandeling dat tieten kazen toch veel, kleiner zijn. En tiet schijnt echt de benaming van de kaas te zijn. Spontaan snijdt hij een stuk af en we moeten beide proeven. Hij blijkt een 'chef' te zijn. Hij heeft zijn eigen soep in een plastic zak bij zich. Ook daarvan biedt hij spontaan wat aan. Dit gaat ons te ver gezien de hoeveelheid. We bieden hem wat aan van onze chocola en daar schudt hij meerjarig het hoofd over.
We liggen weer op zaal met het Russische echtpaar, Vladimir en Helena. Die vinden deze Camino nu te gortig worden. Te koud en te nat. Het is inderdaad nu wel heel erg behelpen. Er staat een straalkachel in onze kamer. Stinkende sokken en shirts hangen er over. Door mijn hooikoorts heb ik geen geur en dat is deze nacht, maar goed ook. Er is geen raam. Tja, het pelgrimsleven gaat niet over rozen.
Het klooster is erg oud. Er groeit in de kerk allemaal onkruid en het water van de regen komt door het dak. Om dit allemaal te betalen is denk ik onmogelijk.  De akoestiek is er echter nog steeds geweldig. Ik heb een lied gezongen en later opgenomen. De iPhone, over handig voor.  Klinkt prachtig. 
Hoewel de douches er vreselijk uitzien, zijn ze warm en dat is al een voornaam ding. De versper kunnen we bijwonen. Er is een speciaal nieuwe moderne kerkzaal gemaakt. Daar brandt de verwarming heerlijk. De broeders zijn wisselend van leeftijd. De jongsten in de twintig en de oudste..? 80?  We krijgen een liedboek, maar hebben geen idee waar ze zijn. Het zingen is niet zuiver en je krijgt er door de taal niet alles van mee. Maar het heeft sfeer en ik proef de intentie. Her is geweldig om hieraan te mogen proeven. Ik neem het bed voor lief deze keer. Ik had van een vorige herberg een bedhoezen meegenomen en deze doe ik er over. Op hoop van zegen, deze laatste nacht. In Santiago zoeken we een prive hostel met lakens.
De klok gaat en het licht gaat uit. Het 22.00 uur! De dag is voorbij.


Het klooster


Vladimir en Helena


vrijdag 13 mei 2016

De negenentwintigste dag van Baamonde naar Miraz 15 km

Ik had gisteren geen internet en daarom het blog nu. 
Het was uiteindelijk heerlijk slapen in de bijna lege slaapzaal. Lekker rustig en met bedhoezen, dus geen angst voor de bedbugs. Hoewel dat natuurlijk niet alleen van de bedden komt. We hebben vandaag veel tijd, want we lopen naar een Engelse herberg en die gaat pas om 15.00 uur open. We zetten de wekker om 7.45 uur en hebben een kwartier om buiten de herberg te staan. We worden helaas wakker doordat iemand toch om 6.45 uur onder de douche gaat. Wel slim, want dan is er warm water. Ik trek mijn slaapzak over mijn over en dommel toch nog een uurtje erbij aan. 
Om 8 uur precies staan we in de bar, waar we twee Duits meisjes treffen. Deze hadden pech, want een van de meisjes was gevallen. Ze heeft problemen met haar been, maar met veel ibroprufen gaat het. Dat is me toch ook wat.  Gevallen en niet door veel lopen problemen. Het blijken twee zusjes te zijn en  de meisjes hebben zichtbaar lol met elkaar. 
We treffen ook het Russische echtpaar. Er is alleen een herberg geen winkel en we vragen of ze iets te eten hebben. In hun boek staat dat er twee herbergen zijn en een winkel. We hopen voor hun dat het goed komt. We kijken nog op onze app en daar staat hij ook niet.
We lopen in een gestaag tempo naar Miraz. Dat gestaag is nu wel heel rustig, want als je weet dat je toch niet voor 15.00 uur in de herberg kunt heb je geen haast. Rond 13.45 uur zijn we in Miraz. Tot onze verbazing is deze open. Hij wordt deze dagen beheerd door Amerikanen en deze hebben ander regels. We mogen al naar binnen en raken aan de praat met de 3 hospitaleros. Het is een ontzettende leuke herberg. De prijs is een donatievo en de wijn vloeit rijkelijk. We hebben de indruk dat dit niet bij elke hospitalero hetzelfde is. De houding van de hospitaleros in Rabanal, ook van dit Englsgenoots hap, was wel heel anders. Daar mocht Guy waar ik 2013 meet liep, een man van 74, niet naar binnen, omdat hij die dag niet zijn eigen rugzak had gedragen. Hier worden volgens mij alle regels met voeten getreden.  Maar het is bere gezellig. Ook het Russische echtpaar is er. Na mijn korte middagdut borduur ik een hele poos naast de houtkachel heerlijk. De twee jonge Duitse meisjes en een jong Duits stel spelen de hele middag Skipbo. Ze zijn van de leeftijd van onze kinderen en genieten van hun Camino. Ik zou dit ook graag met mijn kinderen willen delen, maar zij moeten het natuurlijk ook lopen zonder ouders.
MijnMaatje en ik praten met de Russische echtpaar. Zij vertellen over hun leven in Rusland. Ze hebben een kind. Meer konden ze in de jaren negentig niet betalen. Hij heeft nu een baan in de ICT, maar spreekt bijna geen woord Engels. Zij spreekt Spaans. Ze werkt niet en is thuis: houskeeping. 
Het is erg gezellig en leuk om zo met elkaar te praten. Op 17.00 uur gaat de eerste fles wijn open. Dit gaat zo verschillende malen zo door. Na twee glazen haak ik af. Wil wel rechtop naar mijn bed kunnen lopen. De hospitaleros genieten van hun werk. Helaas bij het inschenken komen twee fikse spetters op mijn borduurwerk. Ik probeer de schade te herstellen, maar ik vrees dat er twee grote schelpen op het borduurwerk komen om de vlekken te bedekken. 
Om 19.00 uur krijgen we een rondleiding in de kleine kerk in het piepklein dorpje. Een prachtig front. De mensen van het dorp maken er wat van, maar ik denk dat ik Nederland de momentenzorg een hartverzakking zou krijgen van de wijze waarop een en ander onder houden is. De kerk is nog in gebruik en is geschonken in 1700 nog wat. De naam staat nu nog frontaal op het front. Inmiddels is de familie verarmd. Het kasteeltje dat je vanuit de herberg ziet oogt erg vervallen. De kat van de " rijke familie" komt ook altijd eten in de herberg. En ik denk vaker dan ze zeggen, want ik heb weer last. Want voor ik wist van het bestaan van de kat had ik mijn ogen al weer rood van de jeuk. Ik heb wel pech deze Camino, honden in huis, katten en berken. Het is wel vervelend. 
Linda een van de hospitaleros vertelt met bezieling over de symboliek in de kerk. Het is bijzonder om iemand zo bevolgen te zien over dit gebeuren. We zien veel kerken, maar kunnen er zelden in. Er was een tafel voor de kerk. Hier worden de overleden op geplaatst bij de begrafenis. Volgens de gids mogelijk iets met brood en vis. Ik vind het meer een A en een O. Alpha en Omega lijken me toepasselijker. Volgens Linda is dit de oplossing voor het raadsel. 
Na de bezichtiging koken we onze meegebrachte tortellini en met kruiden van de tuin maak ik deze op smaak. Lekker. De hospitaleros koken voor zichzelf. Ze mogen niet koken voor de pelgrims. Ze hebben een hele grote pan met soep. Wat ze niet gebruiken mogen de pelgrims soldaat maken. Een heerlijke bonensoep. Dus ons menu voor vandaag soep, pasta en sinaasappel na. We besluiten de maaltijd met een pot zelf gemaakte munt thee.  Het is erg leuk om te zijn in een herberg, waar mensen het proberen om het voor iedereen gezellig te maken. De hospitaleros krijgen een speciale opleiding in Amerika. Ze leren overe het begrip gastvrijheid, maar volgens mij ook zoiets als pastoraat. Ze praten met iedereen en vragen hoe het gaat. Leuk om te praten met mensen die zo ver van huis zijn en hier vrijwillgers werk doen. Ook bijzonder dat de Camino in Amerika ook zo in de belangstelling staat. 
De hele tijd staat er oude muziek op van de jaren 80. De Eagels en de Beachboys. Het leuke is dat jonge en oude mensen van verschillende nationaliteiten zo samen optrekken. Een bijzondere ervaring.




De tafel van de Alpha en de Omega

woensdag 11 mei 2016

De achtentwintigste dag van Vilalba naar Baamonde 22 km

Al weer vier weken op pad. Waar blijft de tijd.... In mijn hoofd was deze bijna oneindig. Toch gaan we nu zo langzamerhand naar de laatste etappes. En het klinkt gek. Het is net of ik nu pas eindelijk de cadans en de rust heb gevonden. Dit is zo'n heerlijke route. Niets geen gedoe met druk om op tijd in herbergen te zijn. Je kunt rustig op een bankje een poos zitten. Of een dutje doen op de poncho. Het maakt niet uit hoe laat je aankomt. Wat geeft dat een rust. Ik laat me ook niet gek maken door MijnMaatje die vindt dat we eigenlijk grotere etappes moeten doen. Dat doen de meeste mensen. Daar ben ik stoïcijns onder.  Etappes tussen de 20 à 25 km zijn voor mij prima. Door zijn blaren vindt MijnMaatje het vandaag ook wel prima. En zo lopen we vandaag weer met een heerlijk zonnetje door glooiende weiden, bossen en de landelijke weggetjes. Het einig nadeel zijn de berken die af en toe op duiken. Gelukkig niet zoveel als gisteren. 
In alle vroegte wordt er weer gerommeld in de slaapzaal. Vrouwen en mannen gescheiden dit keer, hoeveel twee mannen zich er niet aan houden en toch bij hun vrouw/vriendin kruipen. Ik vind het prima.
Ik baal altijd  wel van het vroege gedoe. Je hebt tijd genoeg en waarom toch zo vroeg. Verbazingwekkend ook dat mensen er zolang over kunnen doen om hun spullen te verzamelen. Ik hoor later pas van MijnMaatje dat het licht om 6 uur aan ging. De hele zaal in de heldere tl lampen. En gisterenavond gingen ze pardoes allemaal om 22.00 uur uit. Alles donker. Dit alles is aan mij voorbij gegaan, zowel gisteravond( ik schreef in de hal het blog) als vanmorgen. En voorzichtig steek ik om 6.40 toch mijn hoofd buiten mijn slaapzak. In 10 minuten sta ik in de hal en daar tref ik MijnMaatje, die alweer druk in de weer is met zijn blaren. We knippen de uitgelopen rand van zijn binnenzool af en tapen de blaren goed af. En zo zitten we om 7.20 uur aan het ontbijt bij een bar. Na de koffie en zumo( een groot glas versgeperst sinaasappelsap) en een croissant gaan we dapper op weg. Eerst naar de supermarkt of bakker voor brood. Want afgezien van een handje vol pinda's een stukje chocola en een half oud stokbroodje zit er niets meer in de etenstas. Maar niets is open en ten lange leste halen we in een bar nog twee donuts. Daar moeten we in ieder geval mee in Baamonde komen, het einddoel vandaag. 
We starten vandaag met een voorzichtig zonnetje. Ik heb mijn pijpen kort en besluit het zo te houden. En maar goed ook. Door de vele regen van de afgelopen dagen, waar wij steeds heel goed bij langs komen, zijn de weggetjes soms poelen. In het route boekje staat ook bij deze routes: pelgrimen met laarzen. Nou dat is hier wel nodig. De pijpen worden in elk geval niet vies. 

Inmiddels barst nu een knallend onweer los. Een hele beste klap maakt dat ik nu onder de noodverlichting  dit blog schrijf. Wat een weer.....het komt weer met bakken de hemel uit. Zo komen ze hier wel aan hun millimeters water.

De route is schitterend en we genieten dan ook met volle teugen.  Ergens halverwege komen we bij een bar met een piepklein winkeltje. Geen brood, maar wel fruit. Gepaard met 2 appels voor MijnMaatje, 2 bananen voor mij en twee sinaasappels en 2 koffie gaan we naar de kassa: € 3,20 . Dat is toch niet te geloven.  Ergens op een bankje in het zonnetje doen we ons te goed aan het restje brood en het fruit. Met een handjevol pinda's is het een waar feestmaal.
Het opstaan en weer gaan lopen is minder. Wat stijf en houterig maak ik de eerste meters. Er stopt een auto en een mevrouw in keurig Engels vraagt of ik problemen heb. Ik geef aan geen echter problemen te hebben, maar dat ik op gang moet komen. Mijn voeten en hielen doen zeer. Ze is fysiotherapeut en vraagt hoeveel ik drink. Ik drink een fles met water en meestal een 1 liter mineraal water zo voor het eten. Dat is te weinig. Zo kunnen de afvalstoffen niet weg en heb ik een grote kans op ontstekkingen en krampen. Minimaal 3 liter en bij warm weer meer. Wijn en koffie tellen niet mee.
Tja, ik vind het water hier vreselijk. Maar ik beloof mijn best te doen. De meeste problemen komen volgens de mevrouw voort uit te weinig vocht.

Onderweg passeren we 3 pelgrims. We hebben ze vaker gezien en een van de drie heeft problemen met haar knie. Erg vervelend. Het einde in zicht en dan toch niet meer kunnen. Ook meer water drinken dus.
En zo belanden we in Baamonde. Een echt ingedut dorpje, met nog een school. De kinderen spreken ons aan. I am Fernandez I am from Spain. En MijnMaatje reageert. De kinderen hebben dikke schik met deze pelgrim. Er wordt dus wel ingestoken nu op het leren van Engels. Je zou het aan de rest van de bevolking niet zeggen. Ik kijk ook even bij de kleuters. Deze hebben prachtige geborduurde schortjes aan. Dat zie je over al waar ik ben geweest in Spanje. Het ziet er niet uit als de kinderen deze aan hebben, maar het is wel praktisch. Jongens en meisjes allemaal het zelfde exemplaar. Kunnen dan lekker spelen en hoeven zich niet druk te maken over hun kleren.

De herberg, hoewel municipal, is prachtig. Een oude graanloods. Beneden is een soort huiskamer en boven zijn de bedden. Ik gok op wel tachtig. Deze zijn niet vol. We zijn maar met 10 mensen, waarvan wij de helft eerder hebben gezien. Een stel waar we bijna geen contact mee kregen, stonden zowaar vanmiddag open voor een praatje. Het blijken Russen te zijn. Ze dachten dat wij Duitsers waren. Ze hoorden ons alleen maar Duits spreken. Daar hadden ze niet zoveel mee. Ze draaiden als een blad aan de boom om toen MinMaatje zei dat wij uit Nederland kwamen. We zijn in totaal  denk ik zo'n  6 Nederlanders tegen gekomen. Er zijn echt heel veel Duitsers en Fransen op de Camino. En we hebben een groepje van 5 Portugezen gezien. 

Er is tot het grote verdriet van MijnMaatje niets te beleven. En we kunnen pas om 20.30 uur eten. Dan duurt de middag lang. Er is een keuken en MijnMaatje gaat zich te buiten om puntos te maken. Hij heeft van iemand kaas gekregen. En hij maakt een schaal van een van stukje chocola, de laatste pinda's en kaas. Met de halve liter mineraalwater een lekker 5 uurtje.
Gisteren waren in de herberg pelgrims die we eerder hadden ontmoet. Deze zijn doorgelopen. Naar Miraz. Daar willen wij morgen heen. Nog wel een hele operatie. Je moet zelf koken in Miraz en er is tussen Baamonde en Sobra dos Monxes geen winkel en bijna geen eetgelegenheden. Na een nieuwe voorraad brood, pinda's chocola en fruit zijn we er weer klaar voor.
Het blog is af. De regen bijna over. We gaan gauw eten.

Ps Internet is hier niet altijd even sterk. Ik probeer foto mee te sturen als het gaat. Als het niet lukt is het internet niet sterk genoeg,




dinsdag 10 mei 2016

De zevenentwintigste dag van Lourenza naar Vilalba 22 km ( stukje bus)

Vanmorgen was het gelukkig droog en de zon scheen. Om toch op zaterdag in Santiago aan te komen  en ook onderweg slaapplaatsen en ook nog niet te grote etappes te moeten afleggen gaan we een stukje met de bus. Op zich een prima systeem, maar het is altijd wel spannend. Mensen wijzen je de bushalte, maar dan kijk je rond en denk je is dit het? Geen idee dat dit juist een bushalte is. Geen bordje of zo.
We gaan van Lourenza naar Mondenedo, een grote stad en daarna na een dorpje Abadin. Op internet staat dat de bus niet stopt in Mondenedo, maar dat doet de bus wel. Jammer voor de Fransen die tegelijk met ons bij de bushalte stonden en naar Mondenedo willen en een bus van een uur later hebben gepakt. In de bus zien we Jasmijn weer. Zij heeft ook al een paar herbergen geslapen waar wij steeds waren. Zij moet de 16de aankomen in Santiago en heeft dus ook niet genoeg tijd. Zij gaat alvast door naar Baamonde om vandaar uit de laatste 100 km te lopen. Ze is bang dat zij haar Compostela niet krijg als ze de laatste 100 km niet heeft gelopen. We doen de laatste 2 etappes met de bus, want deze heb ik al drie keer eerder gelopen.

De broeken en het onderhemd was droog. Maar de t-shirts, de handdoeken en de sokken niet. Deze dus maar nat mee in de tas. Volgens mij is de was gewassen met Marseillezeep. Een beetje een weeïge geur. De geur van de was en de hond doen me geen goed. Door het late eten ben ik 's morgens toch al niet al te best. We besluiten om zo snel mogelijk uit het huis te zijn. Kan de jeuk niet zo goed meer verdragen. En zo lopen we om 7.30 uur al door het stille stadje. Bij de bushalte moeten we nog een half uur wachten. Tijd voor een kop koffie. 
Het busritje gaat uitstekend en we zien de landschappen aan ons oog voorbij gaan. We zijn in Abadin  voor we het in de gaten hebben. Soms staan bij dorpen geen naambordje. Erg lastig, want je hebt geen idee waar je dan bent. Op een bankje in de zon nuttigen we ons brood. En om 9.30 uur zijn we echt aan de wandel. In korte broek en t-shirts. De route is volgens het boek niet zo mooi. Je zou erg last hebben van de aangelegde snelweg. Soms hoor je wat verkeer, maar de snelweg is goed verstopt.  We lopen langs prachtige weggetjes. Het lijkt al wat op de wegen voor Santiago. Van die weggetjes tussen boomwallen in. We komen in een landschap dat niet zou misstaan bij de Drentse À.  Helaas ook met de erbij behorend struweel. En inderdaad vol met berken. Dat heb ik Spanje nog nooit eerder gezien. Het gaat redelijk. Het blijft droog tot de laatste km voor de herberg. Dat valt de regen met bakken uit de hemel. Ik merk dan ook pas goed hoeveel last ik heb van de hooikoorts. Ik neem een van mijn laatste tabletten. Ik ben erg benauwd en snotverkouden. Dikke pech dus. Het is koud en tot overmaat van ramp zijn de douches ook koud. Bibberend kruip ik om 15.30 uur in bed en om 19.00 uur word ik wakker. Het gaat gelukkig wat beter. De regen valt nog steeds met bakken uit de lucht. MijnMaatje  heeft geen boodschappen gedaan. We hopen dat we morgen een winkel tegen komen, want anders hebben we een probleem. We gaan met een groepje pelgrims naar de bar. We komen helaas pas om 21.00 uur eten.  Gelukkig krijgen we een pintos om de ergste trek te stillen. Van Tilly krijg ik nog wat histamine tabletten. Zij heeft er genoeg. We hopen dat we morgen in een ander landschap komen. Ik vertelde Tilly dat ik de tabletten heb gebruikt voor de bedbugs. Zij doet een mouw omhoog en ik zie dat zij er ook onder zit. Ze wist niet dat je histamine tabletten kon gebruiken. Het blijkt in zo'n oude schoolherberg te zijn gebeurd. Wij hadden toen net een privat albergue. Heb ik dus mooi geluk gehad. 
MijnMaatje heeft weer een blaar. We hebben al een stukje rand van zijn inlegzool weg geknipt. Ik trek er weer een draad door. Wel vervelend. Elke stap die je zet heb je er last van.
Dan begint om 21.00 uur de maaltijd. We zijn met een groepje van 6 pelgrims. Oude bekenden. Het bestellen duurt wel een kwartier, ze krijgen dagelijks anderstaligen over de vloer een kleine moeite toch om het menu te laten vertalen.....
Maar het eten is uitstekend. Zelfs meer dan uitstekend. We krijgen een stuk vlees waarvoor je in Nederland wel 20 euro voor moet geven. Ik had spagettie vooraf. Toen een sudderlapje. En als toetje een stukje kaas met kweepeer. Heerlijk. Met brood en wijn en voor 11 euro. Dat is toch geen geld.
Morgen lopen we naar Baamonde. 22 km. We duimen dat het droog is.





maandag 9 mei 2016

De zesentwintigste dag van Vilela naar Lourenza 22 km


Vanmorgen moesten we noodgedwongen uitslapen, want de bar voor de herberg voor het ontbijt ging pas om 8 uur open. Dat vind ik geen ramp. Ik had een hoes om mijn kussen en het matras was prima. Dus lekker slapen moet mogelijk zijn. In principe staan we in een kwartier in de kleren. Je gaat dan toch ontspanner slapen. Ik ben niet echt een ochtend mens, dus wat extra slaap, heerlijk. Maar het bleek een nacht met hobbels te zijn. MijnMaatje kan er wat van. Hij snurkt wel niet hard, maar wel gestaag. Ik heb er zelf niet zo'n last van. Die mijn oortjes wel in. Na het geprik met de stok van hem gisteren richting mij, kan ik vannacht mijn best doen. Ik heb hem zeker wel een keer of wat te pakken gehad. Maar hij was niet de enige. Een wat corpulente Spanjaard ging voor de hoofdprijs. Die durfde ik uiteraard niet te prikken met mijn stok. 
Maar ik had buiten de waard gerekend. Een groepje fanatieke Spanjaarden dat 40 km per dag loopt, waren om 7 uur uit bed. En gelijk weer helemaal hieperdepieper. Het kabaal is niet van de lucht. Dan denk ik: Schiet op en vertrek, maar ze namen uitgebreidt de tijd. Er daalt een oase van rust neer als ze de trap af gaan. Verdikkeme, zien we ze om 8 uur bij het ontbijt! Daar ging mijn uurtje uitslapen. 

Vandaag weer twee beste klimmetjes gehad. Ben helemaal munt, want het was ook nog prachtig weer. Dus warm en dan ben ik niet zo'n beste loper. We hadden meer gekunt, maar de volgende herberg is wel 9 km verder. Met veel klimmen en een rugzak, toch een brug te ver voor mij. Maar goed ook, want we waren nog niet binnen in een hostel of er barstte toch een bui los. Deze bleef ons dus gelukkig bespaard. Vanuit de hostel zagen we allerlei pelgrims het stadje binnen komen. Je snapt er niets van. Onderweg zijn we 4 mensen tegen gekomen vandaag. Waar. Deze mensen dan steeds lopen.
Terwijl ik uit het raam kijk, we zitten weer aan een drankje in een bar, valt de regen weer met bakken de hemel uit. De mannen die we troffen voor de kerk en een partijtje pitancq wilden spelen schuilen al zeker 20 minuten in de muziekkapel. Sommige dingen zijn universeel.
Een van de mannen vertelde dat hij meer dan veertig jaar in Engeland heeft gewoond. Daar wonen ook zijn twee dochters, kleinkinderen en achterkleinkinderen. Hij woont weer in het huis waar hij is geboren. Hij is getrouwd geweest met twee Engelse vrouwen, wel na elkaar, voegde hij aan het verhaal toe. Hij was geen moslim. Duidend op de nieuwe burgemeester van Londen. Leuk is dat zo'n praatje en dat kon omdat we elkaar konden verstaan.
Vandaag hebben we een hostel. Volgens MijnMaatje was het nodig dat we moesten wassen en in de herberg municipal is dit altijd wel een hele happening. Ik vond het nog niet zo nodig, maar MijnMaatje kunnen je weer volgen op de geur. Zeker na een dag als vandaag. De was is door de hospita op de hand gewassen. Het hangt nu kleddernat aan de lijn. Ik houd mijn hart vast of het morgenvroeg wel droog is.  Ik vroeg of ze wilde helpen bij de wasmachine, maar nu heeft ze de was zelf gewassen. Ik de dat het een communicatie probleempje is. Ten ze even weg was hebben we alles nog maar eens uitgeknepen. Het hostel  oogt brandschoon. Ze wonen er zelf ook. Ik kreeg wat last van mijn keel en moest steeds niezen. Ik dacht eerst dat ik toch iets verkeerd gegeten had. Blijken ze een hond te hebben. Hangt mijn was op het balkon, wel dicht met ramen, zoals mee in Spanje, maar wel met de hondenmand. Dan kan ik morgen weer wassen. Is wel een beetje balen. Gelukkig zijn er geen dekens, dus geen hondeharen mogelijk in de dekens. Anders kunnen we beter een ander hostel zoeken. Hoe schoon ook, ik ben er altijd gelijk bij. 
Inmiddels staat er een laag water in de straat. Of we willen of niet, we moeten nog wel een poosje in de bar blijven. De enige droge kleren die we hebben, hebben we aan. Tja het leven van een pelgrim gaat niet over rozen.
Zo langzamerhand komen we bij de laatste etappes. We gaan het niet helemaal redden en moeten toch nog ergens een stukje met de bus. Dat blijkt lastiger te zijn dan we dachten. Dat betekent dat we morgen om 8 uur de bus nemen en dan naar Abadin gaan. Dan lopen we nog 5 uur. Is wat weinig, maar er zijn geen herbergen en 10 uur is weer te veel. We lopen met de route van morgen nog 5 etappes. We hopen zaterdagavond aan te komen in Santiago. Dan hebben we de zondag en maandag of door te brengen in Santiago. We vliegen maandagavond om 19.00 uur geloof ik. En dan zijn we rond 21.30 uur op Schiphol. Kunnen we nog net met de trein naar Arnhem. Daar zal dochter of zoonlief ons wel kunnen ophalen om 23.00 denk ik. Hoop ik. En misschien kunnen we nog wel een stukje verder. Bv naar Dieren. We zien wel. Of naar Doetinchem. Het laatste stukje kopen moet geen probleem zijn na 600 km die ik dan in de benen heb.
Hoewel ik dit blog voor mezelf schrijf, om alles goed te kunnen herinneren, vind ik het ook leuk om te delen. Ik merk aan de reacties dat mensen meeleven. Dank aan alle lieve woorden en groeten. Ook dank aan de collega die het Taize lied op muziek voor me heeft opgezocht. Ben ik ook blij mee.
Mijn schoonmoeder schreef dat de kamerplant een ficus is en het andere bloemetje een primula.  Dat weten we nu ook weer. Bijzonder dat ze hier gewoon in het wild groeien.
De regen neemt wat af en MijnMaatje gaat op zoek naar een restaurant voor een menu del dia. Iets te eten zal er wel ingaan na zo'n dag met klimmen. 
Ps. Het wil nog niet echt met zijn blaar. Wel vervelend,










De vijfentwintigste dag van Tapia de Casariego naar Vileda 22 km

ÏIn Vileda, in een prachtige herberg municipal(gemeentelijke), schrijf ik dit blog. MijnMaatje ligt op bed. Dat is vrij uitzonderlijk, want hij is meestal in de weer met iedereen om zich heen. Hier zijn nu alleen Spanjaarden en 3 jonge Duitse meisjes. Geen van allen hebben behoefte aan een gesprek met een Nederlander. Na Facebook en mails en de digitale krant is hij wat uitgelezen. 
Ik heb boeken, mijn borduurwerk en dit blog en kan mezelf dus prima vermaken. Het diner, bij de bar voor de herberg,  is gelukkig om 19.30 uur. Vroeg voor Spaanse begrippen. MijnMaatje zou wel verder willen lopen, maar dat lukt mij echt niet. Ik wil niet steeds over mijn pijngrens heen lopen. Dus duurt een middag best lang als je rond 15.00 / 15.30 uur arriveert.

Vanmorgen zijn we in een heel lichte motregen vertrokken. De laatste etappe langs de kust voor we de binnenlanden in gaan. Het was prachtig en weer zo'n mooi stuk. We zien voor de laatste keer een prachtige baai. En laat daar nou niet net een camping te koop staan...... Ik zie het al voor ons. Een slaapzaal voor pelgrims. Voor mensen met de fiets en tent een grasveld. Voor wat toevallige voorbijgangers een campingplaats. Het is nu mei en alles is nog leeg. Het seizoen is erg kort dus. In Nederland zijn de campings al weer open. Dus bij ons is het seizoen langer. Het is wel verleidelijk, maar betekent wel heel hard buffelen in de zomermaanden. In Ribadeo buigen we af het binnenland in. Inmiddels is de zon al weer volop aan het schijnen en is het gewoon warm. Ik krijg last van mijn voeten. Je zou toch denken dat het gaat wennen, maar dat is dus niet zo. 

De velden zijn groen en er zijn ook weer bossen met eucalyptusbomen. We komen langs een boerderij en zien dat er prachtige witte konijntjes in kisten in een vrachtauto worden geladen. Ze zullen wel niet allemaal voor goochelaars zijn voor in de hoge hoed. Ik vind het sneu. Wat is het verschil tussen een kuiken en een konijn? Een stukje kip eet ik hier ook regelmatig.  Alle stallen zijn hier erg donker en het ziet er niet uit. Het is wel wat hypocriet van mij. Ik denk dat ik inmiddels hier in Spanje al een halve koe op heb aan vlees. Als vegetariër heb je hier niet zo'n goed leven in alle restaurants.

En zo komen we zo langzamerhand bij de herberg.  Deze herberg is ook in een oud schoolgebouw, maar is heel mooi op geknapt. Er ligt een laminaatvloer, prachtige stenen muren en een met schrootjes betimmerd dak. Dat hout maakt alles vriendelijker dan steen en cement. Het doet warmer aan.  Naar eigen keuze, kon je voor een euro meer een kunstof onderlaken en sloop krijgen. Nog goedkoper dan een kop koffie. Hiermee voel ik me de koning te rijk. Natuurlijk is een pelgrimstocht geen hotelreis. Je weet dat dat het soms afzien is. Je komt je zelf tegen en leert je zelf ook kennen. Ik merk dat elke dag opnieuw lopen geen enkel probleem is. Fluitend sta ik op en ben binnen no time weer klaar voor de dag. Geen ontbijt, oud brood, geen koffie, koude smerige douches, alles kan ik hebben. Stinkende sokken, natte kleren, de rugzak elke dag. Geen enkel probleem. Maar bedden...... Ik huiver en griezel. Heeft natuurlijk ook te maken met de bedbugs. Daar heb ik toch een beetje de schrik van. Heb de medicijnen op en moet er niet aan denken dat ik nog een keer weer aan de beurt ben. Het slapen in de slaapzalen vind ik ook geen probleem. Er wordt veel gesnurkt en we doen er zelf ook stevig aan mee. Vannacht heeft MijMaatje vanuit zijn bed met de wandelstok me wel drie keer geprikt. Als ik op mijn rug lig gaat het zeker fout.
Maar smerige bedden maken dat ik zo langzamerhand mijn bekomst krijg van de herbergen. Ik heb nu twee keer gezien dat iemand zelf lichtgewicht onderlaken mee had. Dat ga ik de volgende keer ook doen. Nu met mijn hoes over het matras voelt alles beter.

We eten vanavond samen met Jasmijn. Een van de Duitse meisjes. Zij is ook zo opgetogen over het pelgrimeren. Leuk om met iemand te praten die zo enthousiast is. We hebben het over het verschil tussen pelgrimeren en een wandelvakantie. Moeilijk aan te geven, maar Jasmijn is hele aal lyrisch van de begroetingen van alle Spanjaarden. En dat klopt. Ze groeten altijd en wensen je altijd een Buen Camino. Wijzen je uitvoerig de weg. Zelfs als je ergens anders heel wilt en zeker als je je niet verstaanbaar kan maken in het Spaans leidt dit tot wonderlijke taferelen. 
De waard, zijn vrouw en zijn zoon hadden het vanmiddag erg druk. Vele families kwamen er vanmiddag eten. Ze liepen zich de benen uit het lijf. En nu nog weer 10 pelgrims. En morgenochtend om 8 uur kun je er weer ontbijten.

Het bestellen van het eten is altijd wat lastig, want het vertalen van het Spaans in het Engels is niet eenvoudig voor de waard. Gisteren hadden we een heerlijke Galicië bonensoep. Heerlijk. Deze staat weer op het menu. Ik schep de soep op en hoor het geluid van stenen. Kijk nog eens beter en zie mosselen. Erg jammer. Maar dit moet ik aan mij voorbij laten gaan. Ik ben allergisch voor mosselen. Jasmijn had salade besteld en zij geeft spontaan haar salade aan mij en MijnMaat en zij doen zich te goed aan de bonensoep met mosselen. Het ziet er zo lekker uit en ik moet me inhouden om toch niet een lepeltje te proberen. Maar ik weet hoe vreselijk ziek ik word van mosselen. Erg jammer. De dikke kippenpoot als tussengerecht maakt veel goed.

Het is bijna half elf en ieder maakt zich klaar om te gaan slapen. ik moet dus stoppen. Morgen kunnen we uitslapen, want we kunnen pas om 8 uur in de bar terecht en dit is het enig punt waar we wat kunnen bestellen. Maar goed dat we nog een brood hebben gekocht vandaag. 





De kust bij de herherg

De vrouwentongen in de tuin.


Het plekje waar een camping te koop staat!

zaterdag 7 mei 2016

De vierentwintigste dag van Navia naar Tapia de Casariego 23 km

Deze nacht hadden we wegens het ontbreken van een herberg een pension. Lakens, handdoeken en frisse bedden. Dan heb ik wel zin om te slapen. Door het uitgebreide en gezellige menu del dia werd het wat later, maar rond half elf lagen we in bed. In onze kamer leek wel een bom ontploft. Nog natte was, natte poncho's en regenpijpen. De spullen uit de rugzakken, de tas met boodschappen. Het komt nu ook niet zo nauw, want wij zijn de enigen in de kamer. In een herberg let ik wel meer op mijn spullen. Ik griezel van kleding op de vloer en zo. Ruim alles dan altijd gelijk op. 
De maaltijd was erg bijzonder lekker. Dat heb ik gemerkt vannacht. Het was dus ook erg zout. Had ik niet zo in de gaten, maar om de beurt waren we vannacht steeds wakker om te drinken. Ik denk dat ik wel een liter water heb gedronken. Ondertussen waren de stadsgeluiden nog maar steeds niet tot rust gekomen. Rond 5 uur hoorde ik nog steeds muziek en stemmen van Spanjaarden. Jammer van zo'n heerlijke kamer dat je wakker ligt van lawaai en dorst. Maar dan geniet je natuurlijk ook langer van de ambiance van de mooie kamer. 
De route is niet zo lang vandaag en we hoeven ons toch niet te haasten, daarom zetten we om 6 uur de wekker om 7.30 uur. Je zult maar beleven dat we nu allebei goed in slaap vallen en dan om 9 uur of zo wakker worden. Het was voor niets, want beiden zijn we toch om 7 uur wakker en besluiten maar op te staan.
We hadden zo'n chaos dat MijnMaatje er helemaal raar van werd. Eerst alle spullen op zijn bed, allemaal keurig gevouwen. Dan in de rugzak en vervolgens op de knieën voor het bed om te controleren of we echt alles hebben. Uiteraard hebben we niets overbodige bij ons, dus als we iets vergeten is het ook direct heel vervelend.  De kamer ziet er gelijk weer netjes uit. Behalve de vloer. Maar goed dat er tegels lagen, want met schoenen waarmee je een (halve)dag in de modder hebt gelopen, ziet de vloer en vreselijk uit. Alle modder is opgedroogd en elke stap die we zetten laat een spoor van klei achter.
MijnMaatje voelt zich niet helemaal lekker. Had ik ook een paar dagen. De koffie op de vroege morgen lokt dan eigenlijk helemaal niet. Er was bijna geen bar open. Geen wonder na de drukke nacht. Maar eindelijk vinden we vlak voor we het stadje uit lopen een bar. Een ontbijt is wel nodig. Liefst met iets warms te drinken.  Ze hebben alleen koffie en geen tostados. Dus nemen we maar een Magdalena, ren Spaanse koek. Op dit ontbijt, MijnMaatje een piccolo, dat is 1 cm koffie in een klein kopje en ik een cafe con leche grande, gaan we van start.

Na een kwartier stoppen we alweer. MijnMaatje heeft een klein, maar zeer venijnig blaartje. Net op de rand van de inlegzool van de wandelschoen. MijnMaatje is een echte man, dus dit gaat met veel gekreun en gesteun gepaard. Ik had al wat onder de zool gelegd om deze wat op te hogen. Dat had niet geholpen en nu moest het dus echt gebeuren. De BLAAR moest worden door geprikt en wel door mij. Nu heb ik wel vaker een blauw zwaailichtje op mijn hoofd, ik ben wel gauw in de hulpverlenersrol, maar echt een blaar door prikken .......... Dat is toch iets te lichamelijk. Dapper doe ik een draad door de naald, hier krijg ik het al warm van. Zo warm dat mijn bril, die ik toch echt nodig heb bij deze klus, me beslaat. Ik denk er maar niet aan dat we geen alcohol hebben en de naald niet steriel is en de draad uit het naaietuitje dat al jaren mee gaat op reis, nog veel minder steriel is. Het blaartje zit onder het eelt. Ik zie het blaartje zitten als ik goed door mijn beslagen glazen kijk. Ik steek de naald er in en trek deze na wat geweld door het eelt en aan de andere kant weer uit de blaar. Om nu te zeggen dat het vocht er uit springt is een groot woord, maar de draad is goed nat. Ik leg er een knoop in, zoals ik dat heb geleerd van een hospitalero. We vegen beide het zweet van het voorhoofd, MijnMaatje en ik. Ik doe er een compeet op en we plakken deze af met tape. De schoen gaat weer aan en het lopen gaat.
Na een kwartier moet ik plassen. Al de water van vannacht en de koffie grande moet er ook weer uit.
Geen bar te bekennen natuurlijk. Ik houd het nog een tijdje op maar ik moet toch. Plassen buiten is ook een hele operatie. Het lukt me inmiddels om de rugzak op te houden en toch door de knieën te kunnen gaan. Zo zijn we een uur onderweg en hebben nog geen 3 km gedaan. Dat schiet niet op en beloofd wat voor vandaag. De route wijkt iets af van de Camino maar leidt ons langs prachtige kliffen. Plassend, lopend, etend en voelend aan de blaar komen we door deze route heen. Het is mooi weer, in tegenstelling tot de berichten, en de zon schijnt. De laatste dag dat we de zee zien, want morgen gaan we afbuigen naar Santiago en het binnenland in. 
Met een zwarte wolk van regen op de hielen komen we droog bij de herberg. Deze is gratis. Dat zag ik pas laat vandaag in het boekje. Ik houd mijn hart vast, want een gratis herberg moet wel heel Spartaans zijn. De herberg staat op een klif. De deur is niet open. Uit de teksten op de deur in Spaans en Engels begrijpen we dat we dan moeten bellen naar een nummer. Dat doen we en we maken uit het geratel op dat binnen cinq minuten iemand komt. En inderdaad. De deur gaat open en een keurig interieur wordt zichtbaar. De bedden zijn wat twijfelachtig, maar vooruit. De douche is heel warm. Ik begreep later pas , dat dit alleen bij mij en een Duitse mevrouw die na mij ging, het geval was. Daarna was de douche koud. De hele dag hebben we in t shirt gelopen, maar nu is het koud. De herberg heeft geen verwarming. Dus alles is in en in koud. Het is inmiddels ook erg koud. We doen een jas aan en zoeken een warme bar.





vrijdag 6 mei 2016

De drieëntwintigste dag van Luarca naar Navia 22 km

Gisteravond hebben we heerlijk gegegeten met Paul de Nieuw Zeelandse man. Hij doet vrijwilligerswerk in Vietnam in weeshuizen. Hij is altijd leerkracht geweest en leert kinderen daar nu Engels. Teruggekomen in de herberg bleken we bijna de laatsten te zijn. Iedereen lag al plat. Een slaapzaal van 24 bedden. Goed geventileerd en ik lag bij het raam en heb de hele nacht het raam opengehouden.  Dus om 21.30 uur lagen wij dus ook al in bed. Ik heb nog even gelezen, want ik vond nog een Nederlands boek. Mijn iBooks van de bieb zijn alweer verdwenen, dus een gewoon boek is erg welkom.
De tocht vandaag is eigenlijk 32 km. Dat is mij teveel. MijnMaatje zou graag de afstand eens uit willen proberen, maar ik denk dat hij dan alleen de Camino moet gaan.  Het probleem is dat er tussendoor geen herberg is en zo belanden wij in een Pension in Navia. En wij niet alleen, want bij het eten zaten wel 20 pelgrims aan de eettafels. Het was een gewoon menu del dia, maar erg goed. Een heerlijke soep, een geweldige hoeveelheid suddervlees met een soort gebakken aardappeltjes en een vlam( Carmel toetje) toe. Samen met Paul de Nieuw Zeelander en Siggi een Duitse man hebben we gegeten. Erg gezellig. Mijn hoofd tolt wel van het Engels en Duits.
Vandaag begonnen wij in regen, maar gelukkig een beetje miezerig. na een uurtje hadden we de poncho weer uit. Het is wel warm, dus met een jas aan onder de poncho is te heet. We lopen stevig door en maken volgens mij veel te veel kilometers. De bewegwijzering is niet overal even goed. We belanden door de nieuw aangelegde snelweg boven op een berg en met een grote slingerweg moeten we weer naar de beneden. Als we eindelijk in een dorpje komen zijn we al drie uur aan het lopen en blijken we ongeveer op de route 10 km verder te zijn. Nu loop ik niet hard, want ik maak graag foto's en kijk graag om me heen. 
Ik zie dat de appelbomen eindelijk uit beginnen te komen. Er bloeit al van alles hier in Spanje, maar er zit nog een bloem in de appelbomen. Voorzichtig zie je wat bloempjes een poging doen om uit te komen. De aardappels staan al bijna dicht. De eerste nieuw ingemaakte kuilbulten hebben we al weer gezien en de mest die erna  op moet al weer geroken. De primula's bloemen in de bermen. Ze groeien hier in het wild. De kleuren zijn niet zo sprekend als in Nederland, maar erg mooi fleuren ze de hagen met stenen op. Je ziet hier in het wild allerlei kamerplanten. Ik weet de naam niet maar ik zal een foto bij het blog neerzetten, misschien dat iemand de plant herkent. Ik zie ook allerlei cactussen in de tuinen staan en veel vetplanten. Wijlen ome Jan zou zeggen: het is me hier veel te groen. Inderdaad er schijnt hier wel zo'n 1200 ml op jaarbasis te regenen. De regen zal ook de komende dagen aanhouden. Als het maar niet de hele dag regent vind ik het prima. We hebben ook al uitzonderlijk mooie dagen gehad.
Ondanks de regen is er aldoor zoveel te zien. Bij elk huis hebben ze een voorraad schuur. Ook zal ik daar een foto van bijvoegen. Ik heb elke dag wel een paar op de foto gezet. Ze staan op stenen zuilen met daarop platte ronde stenen. Eerst vraag ik me dan af waar deze schuurtjes voor zijn. De wind kan er onderdoor en ik dacht eerst dat ze als oude zomerhuizen dienen. Misschien is het hier zomers wel erg warm. Bij navraag blijken het dus voorraadschuurtjes te zijn, waardoor de bouw geen ratten en muizen bij het graan en de mais kunnen komen. Sommige mensen drogen nu hun was er onder en ik zag vandaag er een auto ons parkeerde staan. 
Ondanks dat de route niet erg lang was waren we rond 15.00 uur in het pension. Een prachtige kamertje met bedden met lakens. Dat is wel heerlijk. Na een dutje en een hete douche beland ik met mijn borduurwerk rond 17.00 uur in de bar naast het pension. Het regent pijpenstelen, dus een wandeling door het stadje laat ik graag aan mij voorbij gaan. MijnMaatje is er niet. Ik bestel een cafe con leche grande en borduur weer een aantal plaatsnamen bij mijn borduurwerk. Ik ben nu bij Santander. Dus bijna halverwege. Langzamer hand komen er meer pelgrims en is MijnMaatje ook terug van boodschappen doen. Het lijstje is elke dag het zelfde sinaasappels, bananen, brood, kaas, chocola, pinda's( de laatste 2 dingen niet dagelijks, het lukt ons om hier wat langer mee te doen). En ja MijnMaatje draagt de boodschappen. Verschil moet er zijn. Daarom eten we altijd als eerste de sinaasappels en de bananen. Die zijn het zwaarst. Hij was ook op zoek naar een nieuwe bril. Hij is op zijn leesbril gaan staan en deze kon daar niet zo goed tegen. Ook is hij op zoek naar een nieuwe stekker voor zijn iPhone. Ook dat is nog niet gelukt. 
De rest van middag voeren we gesprekken met de andere pelgrims over het verschil tussen de Camino del Norte en de Camino Frances. Ik geef  aan dat ik het spirituele zo mis. Iemand zegt: Op de Camino Frances ontkom je niet aan de spiritualiteit, deze is daar overal. Mensen steken elkaar aan of ze nou willen of niet. Op de Camino del Norte draag je zelf de verantwoordelijkheid over de spirituele beleving. En ik geloof wel dat dat zo is. En dat het daarom ook een bewuster proces is.
Zodra ik weer in het pension ben krijg ik een appje van MijnHerbergmaatje2. Zij heeft de Nederlands tekst van het Taize lied wat nu al dagen door mijn hoofd zingt: 

In de Heer vind ik heel mijn sterkte,
In mijn God de vreugdezang
Gij die mijn bevrijding bemerkt
Op u vertrouw ik en ken geen angst.

Ben nu de wijs even weer kwijt, heb de noten wel en zal morgen de melodie weer opzoeken. Kijken of ik het lied ook in het Nederlands kan zingen. Ik stop er naar weer mee. Het was wel een beetje een hak op de tak verhaal. Maar het gesnurk van MijnMaatje is niet van de lucht en draagt niet bij tot inspiratie. Hij heeft duidelijk te zwaar getafeld vanavond. Het is maar goed voor de mede pelgrims dat wij een eigen kamer hebben vannacht.







donderdag 5 mei 2016

De tweeëntwintigste dag van Cadavedo naar Luarca 16 km


Terwijl ik schrijf is er een geweldige ruzie gaande. Tenminste ik denk dat het een woordenwisseling is. Dat weet je immers nooit precies met Spanjaarden. Ze praten altijd erg heftig. Er is namelijk een Spaanse pelgrim die zijn sokken en zijn onderbroek in de magnetron aan het drogen is. We zitten net bij de tafel om ons een kop thee te maken. De gedachte dat ik nu een glas water moet zetten in de magnetron waar net twee Spaanse zweetsokken en een onderbroek uit komen doet me griezelen. De hospitalero ontploft zo'n beetje. En het gaat hard tegen hard.
We zitten we een in privaat alberge en ik vind het prima. Goede bedden, nette wc's. De afgelopen nacht was ook goed, maar een erg klein en erg koud. Het water kwam van de muren. De slaapzak had ik helemaal om mijn hoofd heen getrokken. We lagen op een twee persoonsbed en ik kon heerlijk tegen MijnMaatje aan kruipen. Er was een ontbijt met heerlijke koffie, toostjes met jam en Magdalena's (Spaanse koeken). Om 8 uur lopen we. Het is wat bewolkt maar toch lopen we in korte broek en na een kwartier in het t shirt. De route is kort (15 km) en ik vind het prima. Even een middagje niets doen is ook lekker.  Als we ergens goed fout lopen zien we Paul, de Nieuw Zeelandse man weer. Zijn ouders zijn als jonge mensen ( zonder ouders) na de Tweede Wereldoorlog naar Nieuw-Zeeland gegaan. De reis werd betaald door de gemeente waar je ging wonen. Je moest er twee jaar werken en dan was je vrij om te gaan en staan waar je wilde. Zijn ouders hebben elkaar daar getroffen en zijn er getrouwd. Zijn vrouw is overleden aan een melanoom. Ze wilden de Camino samen lopen en de reis was helemaal door zijn vrouw voorbereid. Hij loopt nu de route die zijn vrouw gepland heeft. Hij heeft haar as bij zich. Steeds strooit hij wat uit. De laatste 100 km van de route lopen zijn kinderen met hem mee. Het is wel een verhaal.
Vandaag treffen we voor het eerst een kerk die open is. We gaan naar binnen en zien toch wel wat bijzonders. Geen gouden altaar en zo, maar prachtige eenvoudige moderne schilderingen. De akoestiek is er super. Het Taize lied dat we bij de Duiste herberg hebben geleerd zing ik hier. Het klinkt echt heel bijzonder mooi. Paul kent het lied ook. Maar ik ken de tekst niet goed. Half Duits en half Engels. Op internet vind ik later de juiste tekst

In the Lord I'll be ever thankfull
In the Lord ll wil rejoice
Look to God, do not be afraid.
Lift up your voices, the Lord is near.

We kunnen er om 12.00 uur zijn. Dat halen we niet helemaal en rond 14.15 uur schrijven we ons in. Het laatste stukje door de stad is ons de weg gewezen door een Spaans meisje. Ze sprak Engels en vond het leuk om ons naar de herberg te brengen. 
Ik douche me eens lekker uitgebreid en maak mijn toiletten schoon. De spullen hebben wat gelekt en alles pikt. MijnMaatje is heel flink en wast zelfs de wandelshirts. Na instructies van mij dat hij ze niet te erg mag uitwringen. Dat kan hij namelijk heel goed en dan zijn de shirts wel twee je zo groot geworden.  Met als gevolg dat alles nu alles druipnat uit het raam hangt. We hopen maar dat het morgen droog is. 
We lopen wat rond in het stad Luarca. Een vissersplaatsje. Het is vloed en je ziet het water van de zee de rivier inlopen. Bijzonder. Aan de kade drinken we ergens wat. Daar treffen we Tom en Tilly. Tom komt uit Ierland en Tilly uit Duitsland. Tom loopt met zijn zwager. Die is hij vandaag kwijt geraakt. Hij krijgt een appje. Maar weet niet waar zijn zwager dan is. Met onze app Maps.me komen we er achter dat hij in een dorp eerder al is gestopt en daar heeft gewacht. Hij is daar weer met een Duitse jongen Kevin, die vannacht bij ons in de herberg sliep. Het wordt zo langzamerhand toch een beetje weer de Camino Frances. Gisteravond hebben we met elkaar gegeten in een restaurantje. We waren met 8 mensen. Het was erg gezellig. Tilly vertelt dat ze nu twee jaar weduwe is. Haar man was de liefde van haar leven. Hij is zo van de ene op de andere dag overleden. Heeft geen afscheid kunnen nemen. Ze mist hem enorm. Ze heeft onderweg de beide Ierse heren ontmoet en loopt nu met hun op. Dat doet haar goed, zegt ze. Het leven gaat verder, maar de kleur is uit het leven weg. De mannen zorgen ervoor dat het allemaal wat lichter lijkt. Ze heeft foto's op haar mobiel en ik moet alles zien. Foto's van haar man en van de kleinkinderen, het graf, de bloemen op het graf. Luisteren alleen is genoeg. Ik weet ook niet goed wat te zeggen. Hoeft geloof ik ook niet.
Als we terug lopen treffen we ook nog de Spaanse Ontdekkingsreiziger die ik eerder met MijnHerbergmaatje heb ontmoet. Het was de route naar Geumes. De regendag. Zijn tijd zit er op en hij gaat terug naar huis. Volgend jaar doet hij het laatste stuk. Het is wel een dag met verhalen....







woensdag 4 mei 2016

De eenentwintigste dag van Soto de Luina naar Cavado 25 km ????

De eerste etappe na ons stuk met de bus. Met een knallende hoofdpijn stond ik vanmorgen op. Het was weer een moeizame nacht. Ik sliep boven in het stapelbed en onder mij de meneer uit Nieuw Zeeland. Met een stoel erbij moest ik er in klimmen. Het bed had geen schotten. Anders val ik ook niet uit mijn bed, maar een bed van 80 cm breed en 170 cm hoog is wel een hele happening. Het bed bewoog  bij elke beweging, zowel van mij als van mijn mede gebruiker. Het bed liep  ook nog een beetje scheef af. Ik had steeds het gevoel dat ik eraf rolde. Het was een herberg municipal en dat betekent dat om 22.00 uur het licht uit gaat. Door een ander loopritme ben ik dan nog niet moe. Maar mijn telefoon had geen stroom. Er zijn in deze herberg bijna geen lichtpunten. MijnMaatje deed zijn stekker van de telefoon in een contactdoos van de eetruimte. Deze gaf me een knal. Gelukkig alleen de stekker kapot. Helemaal zwart. De telefoon deed het gelukkig nog. Ik was zo bang geworden dat ik mijn telefoon er niet in durfde te doen. Hoewel ik niet zo hecht aan spullen, zou mijn iPhone me wel aan het hart gaan. Met name omdat ik dan geen foto's meer zou kunnen nemen. De eerste jaren waren de  foto van mijn iPhone erg slecht van kwaliteit. Dat dacht ik tenminste als ik ze terug zag op mijn blog. In de kerstvakantie heb ik ze allemaal op mijn laptop gezet. Ik had er 700 en heb er 300 weggegooid. Wat er overbleef zag er eigenlijk best wel aardig uit. Ik heb er een fotoboek van gemaakt. En deze is prachtig geworden, al zeg ik het zelf. Dus de foto's gaan me aan het hart.
Ik durfde nu al helemaal niet meer te slapen. Zie al visioenen over kortsluiting voor me. Gelukkig lag ik bij de deur en zou ik er zo uit zijn. Maar dat betekend ook een nacht zonder luisterboek. Gelukkig heb ik ook op de iPad luisterboeken. Daar had ik nog wat stroom op. Omdat ik bang was dat de iPad uit het bed zou vallen had ik deze in mijn slaapzak gedaan. Dat werkte ook niet mee tot ontspannen.
Vandaag was er een kust route en een wegroute. Vol goede moed begonnen we aan de kustroute. Maar na drie keer een behoorlijke  klim en een daling vond ik het wel welletjes. De rest van de dag lopen we langs de weg. Het weer is prachtig. We liepen gelijk al in korte broek en t shirt. Ik heb zelfs mijn kuiten verbrand. Ik merkte het pas onder de douche. Het hete water deed pijn aan mijn kuiten.
De route was niet bijzonder mooi. Maar we hadden wat aanspraak, want er komen steeds meer pelgrims op deze route. Je kunt hier in bijna elke plaats komen met de bus. Dat betekent ook dat steeds meer mensen kunnen gaan instappen. Vanavond waren we met een groep van 8 mensen om samen te eten voor een menu del dia. Voor 8 euro: wijn, brood, tortilla, salade, kip en een dik toetje. Ik kon het niet op. Het was erg gezellig: 3 Duitsers, 2 Ieren, de Nieuw- Zeelandse meneer en wij. 
De herberg is een klein prive herbergje. Ik was na twee nachten municipal klaar met de Spartaanse toestanden. Er bleek een piep klein twee persoonskamertje te zijn. Formaat bedstee. Deze kregen wij toebedeeld. We kregen tot mijn grote geluk een onderlaken en een sloop. De douche was brandschoon. Heerlijk! Wat kun je dit dan waarderen.  Genietend lig ik op het bed! Dat wordt een fijne nacht!


dinsdag 3 mei 2016

De twintigste dag van La Isla naar Villaviciosa 20 km

Na een heftige nacht werd ik gebroken wakker. Om 6.30 uur al. Ik ben zo bang voor de bedbugs dat ik absoluut niet met met armen buiten mijn slaapzak wilde. En overal is het koud en vannacht sliepen we weer met 12 mensen op een zaal. Uiteraard zonder raam en ik had het zo warm. Heel naar. 
Zo stond ik vroeg naast mijn bed. Er was een keuken en we hadden nog veel oud brood. Ik heb een pot thee gezet en al het brood geroosterd. Het beleg bestond uit banaan en samen met een sinaasappel was dit ons desayunos. Een bloemetje erbij maakte het af. Het was een speciale dag, wat we zijn vandaag 31 jaar getrouwd en we hebben al 36 jaar een relatie. 31 jaar geleden had ik mijn enkelbanden gescheurd en ik liep op krukken. Niet wetende dat ik 31 jaar later zoveel zou gaan wandelen. Het lopen was toen absoluut geen hobby van me. Op zo'n dag als dag als deze word ik altijd wat weemoedig. Waar blijft de tijd?  De dertig jaar vliegen voorbij. We zijn nog steeds gelukkig met elkaar. Verdriet is ook onze deur niet voorbij gegaan. Maar de zonnige dagen zijn er ook. Hoe ouder je wordt, hoe meer je beseft dat geluk niet vanzelfsprekend is. We weten ook dat het anders kan. Vandaag treffen we in de herberg een Nieuw Zeelandse man. Van origine waren zijn ouders Nederlanders. We raken aan de praat, want zoveel Nederlanders zijn niet onderweg. Hij had deze route willen lopen met zijn vrouw. Deze is overleden. De triestheid hangt om hem heen. Zijn kinderen komen ook over en samen willen ze de laatste 100 km lopen. De man heeft nu veel te veel dagen en moet zich inhouden. Dus hij loopt nu 10 tot 15 km. Dat is ook niets. Je moet dan de hele dag hangen. 
De herberg heeft net zo als gisteren weer de kwalificatie spartaans. Het is er koud en je hebt geen lekker plekje waar je even kunt zitten. In deze herberg kun je zelfs niet koken. Dus een kopje thee maken is er niet bij. Dan is het wel af zien. Gelukkig is het mooi weer, dat maakt dat onderweg alles er wat beter uit ziet. Anders wordt het zo troosteloos. 
Om 8 uur liepen we deze ochtend en we hebben de hele dag samen op gelopen met Aafke. We hebben haar gisteren ontmoet. Het was gezellig om een poosje samen op te lopen. Het weer was heel prachtig. Een blauwe lucht. Weer groene weiden. Landweggetjes. We stoppen bij een kerkje en lunchen met brood, pure chocola( Dank zij MijnHerbergmaatje en met deze reep pure chocola lukt het ons om een paar keer per dag een stukje te nemen en hem niet in een keer op te eten.) voor we het weten zijn we in Villaviciosa. Dan hebben we er 22 km op zitten. Aafke gaat nu de Route del Primotovo doen. Ik twijfel. Hij is wat ruiger en mooier. Maar het is ook een route om in 14 dagen te doen. We gaan nu de Del Norte maar afmaken.  Er komt een bus in Villaviciosa en we nemen de bus naar Gijon. Dat is een immense stad. We rijden met de bus langs grote industrie gebieden. Goed dat we deze route overslaan. In Gijon wachten we een uur en nemen de bus naar Soto de Luines. Dat is zo'n 75 km verder op. Ik de bus heb ik heerlijk de slaap van de afgelopen nacht ingehaald. Lekker in het zonnetje en hangend tegen MijnMaatje aan. Dan lukt het wel.  
We zijn nu 3 à 4 routes verder. Ik zie allerlei mensen die ik al eerder heb gezien.  Ik kom de Fransman weer tegen die eerst samen met zijn vrouw was. Hij mopperde de hele tijd en zij liep niet zo hard. Op mijn vraag waar zijn vrouw was zei hij: Naar huis. Durfde niet te vragen of dit de bedoeling was of dat zij er geen aardigheid meer in had. Ik kom ook de Franse Marjoor weer tegen. Weer strak in zijn witte overhemd. MijnHerbergmaatje en ik hoopten dat hij een keer zou vallen, zodat zijn blous vies zou worden. Hij was niet erg aardig tegen mij. Hij zei steeds dat ik snurkte. Dat klopt ook wel, maar omdat nu steeds te zeggen. MijnHerbergmaatje heeft er wat van gezegd. Zoiets van dat in Nederlands de mannen niet zo ontfatsoenlijk zijn. Maar zijn blous ziet er nog steeds hagelwit uit. Hij doet of hij mij niet kent. Ik laat het maar zo. Ook trof ik al een Fransman die zich zeer onfatsoenlijk gedroeg tegen een Spaans ober. Tegen hem doe ik ook maar of ik hem niet ken. De Franse mannen zijn niet allemaal even aardig en de taal is ook hier weer een echte barrière. 
In de herberg nemen we een douche en dan gaan we uit eten. En speciaal voor deze dag: een menu del dia! 

Ik heb geen stroom en bijna geen internet. Zodra ik deze heb zal ik weer foto's toevoegen.





De negentiende dag van Cuerres naar La Isla 24 km

Vanochtend weer gewekt door een heerlijk zonnetje. Na een lekker ontbijt met veel koffie en toast met jam liepen we om 8 uur al met een korte broek door de velden. Prachtige omgeving. Het lijkt om het Peakdisdrict in Engeland, groene weiden met muurtje en met grijze huizen. Soms als je weer naar de bergen kijkt lijkt het weer meer Oostenrijk. Het gekke is dat je bergen, weiden en zee zo direct bij elkaar hebt. De strook tussen de zee en de bergen is hier maar ongeveer 2 kilometer. Het verhaal van Brigiita en Manfred die na de pensionering van Manfred hier een kleine herberg zijn begonnen, speelt steeds door mijn hoofd. Ze hebben hun huis in Duitsland verkocht en hier een nieuw huis laten bouwen. Ik zou dat ook wel willen. Ze zijn wel het hele jaar open. Dat is wel een opgave. Ik las in hun gegevens dat ze ongeveer 750 pelgrims per jaar ontvangen.  Er zijn dagen dat ze niemand hebben en dagen dat ze er acht hebben. 
De route vandaag is erg afwisselend. Prachtige weiden, bergen, zee, strand, bergpaadjes. Maar ik denk dat de route wel veel langer was dan in het boekje staat. Door de afwisseling valt de last met mijn voeten wel mee. We troffen vandaag een Nederlands meisje Aafke. Ze loopt al vanaf Vezelay, maar heeft nog elke dag last van haar kuiten en loopt 's avonds als een puiguin. Zelfs na 1300 km gaat dit dus niet over. 
We komen rond 10 uur in Ribadesella. Het is een feestdag, omdat 1 mei op een zondag was heeft iedereen vandaag nog vrij. Tot ons geluk treffen we een winkeltje, waar we brood en wat fruit kunnen kopen. Het heerlijke van deze Camino is, dat er altijd plek genoeg, is zodat je heel rustig aan kunt doen.  We eten uitgebreid een broodje bij de haven van Ribadesella. Dan kuieren we langs de boulevard en nemen aan het eind een kuitenbijterje naar een dorpje verderop. Via schattige landweggetjes komen we in een piepklein badplaatsje. Er wordt door een paar jongeren wat gesurfd, maar de golven zijn daar eigenlijk niet hoog genoeg voor. We proberen via het strand verdere te lopen. Dat gaat niet want we komen niet over de geulen heen. In de on is het warm, maar in de schaduw koud. We nemen op een terrasje een cola en een aqua con gaz. We krijgen er een schaaltje pinda's bij. En dat voor drie euro. We zitten een uurtje in de zon en doen niets. Dit gaat me steeds beter af. Niets doen. Gewoon zitten en de zon op mijn gezicht. Ik denk aan niks, ik hoef ook niks. Het lukt me zelfs om mijn borduurwerk in de rugzak te laten zitten. Maar zo als altijd: het venijn zit in de staart. Langs een ellenlange wandeling, prachtige overigens, door groene weiden en de zee soms een meter naast ons lopen we wel 2 uur voordat we op de plek van bestemming zijn. En tot overmaat van ramp: de herberg gesloten. 
Inmidels ben ik niet zo ontspannen meer. De voeten doen zeer. En ik heb er nu genoeg van. Het is bijna 5 uur. 's Is wel welletjes voor vandaag. We kijken nog eens beter op de app, het iBook en de kaart en komen tot de ontdekking dat we verder moeten. Kreunnnnnnnnnnn
Gelukkig blijkt dat verder niet zo ver te zijn, na tweehonderd meter zijn we er denken we. Er is plek in de herberg, maar voordat je er in bent. En dame van zeker negentig voert het bewind over het herberg. Het inschrijven gebeurt uiterst minutieus. Ik schrijf, maar krijg bij alle Spaans commentaar. Aangezien ik dit geweldig begrijp is dit een enorme operatie.
Feinje: voornaam??? Holland? Pie, wat is pie nu....,ik begrijp er niets van. Het blijkt te voet te zijn.
Ik schrijf een v voor vrouw, maar dat moet een f zijn....
Na 10 minuten ben ik klaar. Dan mag MijnMaatje en hetzelfde ritueel vind nogmaals plaats. MijnMaatje heeft er aardigheid in. Het hangt de onnozele hals uit en de dame verbetert hem aan alle kanten. Nu mogen we naar binnen denk ik. Nou mooi vierde gedacht. Inmiddels zijn er 3 Spanjaarden aangekomen ook zij moeten zich inschrijven. Dit gaat met hetzelfde ceremonieel. We zitten gelukkig en we hebben een bed en dus nu de tijd. Na een half uur zijn ook de Spaanse heren klaar. Ze zijn net zo oud als onze eerste leerlingen uit onze eerste groepen. 1981 en 1982... Wat worden we oud.
De dame gaat naar binnen en ik wil haar volgen. Dat is de bedoeling niet.  Ze komt terug met een jas aan en een wandelstok en sommeert ons op onze spullen te verzamelen. In ganzenpas gaan we in een optocht door het dorp. De dame vinnig tikkkend met haar stok, MijnMaatje wandelend naast haar en daarachter sjokkend de 3 Spaanse jongens die zichtbaar problemen hebben met het lopen en daar nog verder achter aan: ik......
Na 10 minuten zijn we bij een gebouw dat de herberg blijkt te zijn. Kwalificatie: Spartaans. De douche is warm, je moet deze wel zelf vasthouden. Je mag niet te lang, want anders stroomt het voetenbadje over. De bedden zijn om van te griezelen. Ben ik net van de bedbugs af. Het is niet anders. Ik moet wel iets overwinnen om mij op het bed neer te vleien. Een voordeel: het wassen met de wasmachine is gratis. En aangezien ik sinds vorige week zondag niet meer gewassen heb is me dit heel welkom. 
Na een uur zijn we gedoucht en hangt de was wapperend in de zon. 
En wij zitten heerlijk op een terras achter een vino tinte samen met Aafke, die ons al haar Franse Camino avonturen vertelt.  





De was wappert!